U bevindt zich hier: Home > Manuscript tekst

Manuscript - 4

4


Het moest in ieder geval een plek zijn die publiekelijk zichtbaar was, zodat niemand het zou kunnen wegnemen zonder getuigen. Dus zeker niet op een plek waar haast nooit iemand kwam.
Het moest tevens een plaats zijn die niemand voor mogelijk zou achten, deels door haar zichtbaarheid en deels door haar schijnbaar onbereikbaarheid. Dit laatste was vooral van belang omdat men eerst zou gaan zoeken op de meest toegankelijke plekken.
Ook was het heel belangrijk om het paneel zo dicht mogelijk bij het Lam Gods te verstoppen. Ideaal zou natuurlijk de Vijdkapel zelf zijn, of in één van de aanpalende kapellen. Niemand zou dat voor mogelijk houden en zo zou zijn ‘huzarenstuk’ nog unieker overkomen.
Nog een vereiste waaraan voldaan diende te worden, was de aard van de bergplaats. Het moest ergens zijn waar de omstandigheden zo goed als nooit zouden veranderen. Dus zeker niet bij een constructie die mogelijk afgebroken of verplaatst kon worden. Neen, het moest liefst een constructie zijn in steen of marmer en wel zo, dat ze schijnbaar volkomen aansloot tegen de wand.
Er zou ook de mogelijkheid moeten zijn om zich een eind boven de bergplaats te begeven.
Hoe meer hij erover nadacht, des te meer nam zijn plan vorm aan. Alhoewel hij het liefst alleen wou werken, zag hij wel in dat een tweede man voor de uitvoering van sommige punten wenselijk zou zijn. Iemand met de nodige fysieke kracht om de panelen los te wrikken en iemand die de wacht kon houden, eventueel met een vluchtauto.
Eens de meest geschikte verbergplaats uitgekozen was, kwam het binnendringen van de kathedraal aan bod. De meest eenvoudige manier zou wellicht zijn om zich onopvallend tussen de laatste kerkgangers te mengen en zich tijdig te verstoppen in een biechtstoel of op het doksaal. Hij bezat een sleutel voor de deur naar het doksaal. Herhaaldelijke testen hadden hem dit bewezen. Hij zou zich daar verborgen houden tot iedereen weg was en alle deuren gesloten waren.
Rond 23u00 zou zijn helper dan met de wagen komen. Via de zijdeur van de hoofdkerk zou AG zijn compaan binnenlaten. Dan kon het losmaken van de panelen een aanvang nemen. Eens deze klus geklaard, zou hij zijn helper terug buiten laten, zodat deze verder de wacht kon houden en de wagen startklaar. Zo zou er ook geen getuige zijn wanneer hij de RR ging verbergen en bleef hij alleen heer en meester van de situatie.
De grisaille van St-Jan zou hij zelf naar de wagen brengen. Mocht hij toch betrapt worden, dan kon hij nog altijd zijn vrijheid afkopen tegen de teruggave van de RR.
Maar alles verliep vlekkeloos die bewuste nacht. Perfect, of toch bijna. De euforie toen hij met het paneel in de wagen zat, kreeg een eerste klap toen de motor niet wou aanslaan. Tot overmaat van ramp had dit de aandacht getrokken van een voorbijganger, die vroeg of hij hulp moest halen. AG herpakte zich en kon de man afwimpelen. Dit kostte hem wel 50F, maar hij was nu toch één miljoen rijker!
Eindelijk sloeg de motor aan en verdwenen zij met veel kabaal in de nacht.


« Vorige  |  Volgende »